|
|
Ongeveer een jaar na onze
bekering kregen we in Noord-Groningen een huisje te huur aangeboden
en verhuisden. De avond van de verhuizing gingen we eindelijk zitten om uit te rusten. Op dat moment zagen mijn vrouw en
ik gedurende een fractie van een seconde een Duitse herder of een
wolf op de drempel van de woonkamer zitten. Ik werd me direct bewust
van de aanwezigheid van een boze geest en begon in de naam
van Jezus alle kamers door te gaan om hem weg te jagen. Diezelfde avond schilderde ik een bordje met een Bijbeltekst om boven de haard te hangen om God centraal te stellen in huis. Er stond op geschreven: Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw kracht en met heel uw verstand, en uw naaste als uzelf. Op het moment dat ik het bordje aan de spijker hing schoot er een licht door het huis en de boze geest was weg.
In datzelfde huis hadden we een jaar later problemen met ons dochtertje. Iedere nacht rond twaalf uur werd ze gillend wakker en moest ze getroost worden om weer in te kunnen slapen. Een avond was er een vriendin op bezoek. We wilden samen even gaan bidden en toen zei zij ineens: 'die pop deugt niet'. We hadden die pop eens buiten ergens gevonden. Mijn dochtertje was gek op die pop en raar genoeg was ze die die avond vergeten mee naar bed te nemen. Ik keek naar de pop en zag er iets akeligs in zitten. 'Die ga ik verbranden', zei ik. Mijn vrouw protesteerde hevig omdat het de lievelingspop van ons dochtertje was. Ik bad in stilte dat God haar ook zou laten zien dat er iets mis was. Ik hield haar de pop voor en ze liet een gil horen.
Ik ging naar buiten, stak
de pop aan en ging weer naar binnen. Vanaf die dag is mijn dochtertje 's nachts niet meer (gillend) wakker geworden.
Een jaar later, in een
ander huis, kreeg ik iemand aan de deur die mij vroeg hem te
bevrijden van spiritistische geesten. Joost mag weten hoe hij aan
mijn adres kwam.
Die nacht schrokken mijn
vrouw en ik wakker door een schuivend geluid op het dak en ik voelde
direct de aanwezigheid van boze geesten. Ik stond op om de strijd
aan te gaan en toen ik op de overloop kwam voelde ik een harde koude
klap op mijn hart en dacht even dat ik er geweest was.
Hieruit heb ik geleerd dat
ik niet zomaar iets mag aanvallen, maar ik heb vaker zo'n fout gemaakt.
Enkele jaren geleden werd ik bij de buren geroepen vanwege klopgeesten, licht dat uit en aan ging, deuren die spontaan klapperden, enz. Hier is erg veel gebeurd, maar kort gezegd waren de problemen ontstaan doordat ze zich hadden laten behandelen door nota bene een priester die met magnetisme werkte en wat Afrikaanse toverij. Hij bleek niet eens in God te geloven. Zijn leven is geëindigd in krankzinnigheid en is uiteindelijk in een ravijn doodgevallen. Zo gevaarlijk is het spelen met geesten. Buiten die 'huisgeesten' hadden de buren ook te lijden door ernstige ziekten. Zij zijn bevrijd van de geesten en de ziekten zijn verdwenen. Bij een was een geest blijven hangen doordat ze weigerde iemand te vergeven. Ze leeft nu in depressie in plaats van vrolijk door het leven te gaan. Het wegsturen van geesten is niet altijd iets dat buiten ons omgaat; er kan ook gevraagd worden te stoppen met bepaalde activiteiten of anderen te vergeven. Boze geesten voelen zich thuis bij alles wat lelijk, gemeen, vies en duister is. Als wij onszelf innerlijk laten schoonmaken, zullen ze zich niet meer thuis voelen in onze omgeving, en zeker niet als Jezus zijn intrek in ons neemt, maar dat doet Hij niet vanzelf, wij moeten Hem daartoe uitnodigen.
|