 |
|
Geld
|
|
Adam en Eva hoefden niets te betalen voor de lekkere
appeltjes, druiven, ananassen of bananen die ze aten, en ook niet voor hun verblijf in
het Center Parcs Eden.
En Adam hoefde zich ook niet uit de naad te werken om
kleren van de laatste mode voor Eva te betalen.
Hadden ze nooit van de verkeerde banaan of zo gegeten, dan hadden we nooit
geld gekend. |
 |
|
Als alles liefde en gehoorzaamheid aan God is, dan is geld helemaal niet
nodig, dan doe je gewoon alles als vanzelf voor elkaar.
Maar we hebben het allemaal gemerkt, er is wat goed mis gegaan daar in het paradijs.
Niet dat er direct daarna geld was, dat heeft nog
heel wat eeuwen geduurd. Er was op een gegeven moment ruilhandel: je
deed wat en kreeg er een zak aardappelen voor terug bijvoorbeeld. Maar omdat
aardappelen niet zo goed in een portemonnee passen, zijn de munten en
later de biljetten uitgevonden. |
|
 |
Geld is een goede oplossing om egoïstische mensen samen te
laten
werken. Je werkt meestal niet om anderen een plezier te doen, maar om de
beloning waarmee je jezelf een plezier doet. En dat werkt redelijk goed
als we zo om ons heen kijken.
Geld vertegenwoordigt op de eerste plaats onderhoud, maar ook luxe, macht,
plezier. Wie heeft daar ooit genoeg van? |
|
De Mammon
Jezus heeft het best wel veel over geld. Hij noemt
het de mammon. Mammon is eigenlijk het Aramese woord voor geld, maar
Jezus geeft aan dat het ook een soort god is en een gevaarlijke, en dat we
moeten kiezen wie we dienen zullen: Jahweh of de mammon.
'Niemand kan
twee heren dienen: hij zal de eerste haten en de tweede liefhebben, of
hij zal juist toegewijd zijn aan de ene en de andere verachten. Jullie
kunnen niet God dienen én de mammon.'
Dat staat er behoorlijk scherp, je kunt dus
niet voor allebei leven, je moet een keus maken.
Want de wortel van alle kwaad is de
geldzucht,
zegt Paulus.
Als God bij je centraal staat, dan zoek je lief te hebben, te dienen, te
helpen. Als geld centraal staat, dan zoek je te hebben, dan draait alles
om jezelf en dan kun je zelfs over lijken gaan. Geldzucht is de wortel
van heel wat criminaliteit, bij de gauwdief tot aan vele machthebbers.
|
|
Wat uit de duivel is, is heel makkelijk te
herkennen: je wordt erdoor geboeid, raakt eraan verslaafd.
Paulus zegt:
Laat uw leven niet beheersen door
geldzucht, neem genoegen met wat u hebt. Hij heeft immers zelf gezegd:
‘Nooit zal ik u afvallen, nooit zal ik u verlaten’ |
 |
|
Wij hebben niets in deze wereld meegebracht en
kunnen er ook niets uit meenemen. Wij hebben voedsel en kleren, laten we
daar tevreden mee zijn. Wie rijk wil worden, staat bloot aan verleiding,
raakt in een valstrik en valt ten prooi aan dwaze en schadelijke
begeerten die een mens in het verderf storten en ten onder doen gaan.
En in psalm 62 staat: ...ook al groeien
geld en goed, houd je hart ervan vrij
Er is niets mis met werken, het moet zelfs,
maar niet uit geldzucht dus.
Je moet die mensen eens zien op de beurzen, een geschreeuw en gespring
voor hun god! Je hebt het idee dat er om
de kwartier eentje met een hartinfarct afgevoerd moet worden. Hun hele
leven hangt van geld af: het is hun zekerheid, prestige, alles. Dus o
wee als de koersen zakken! De mammon is een god die helemaal niet goed
voor zijn mensen zorgt.
Als iemand aan geld gebonden is, heeft Jezus een
goed advies: ‘Ga naar huis, verkoop
alles wat u hebt en geef het geld aan de armen, dan zult u een schat in
de hemel bezitten; kom dan terug en volg Mij.’ Maar de man aan wie
Jezus dat zei werd somber toen hij dit hoorde en ging terneergeslagen
weg; hij had namelijk veel bezittingen. Jezus keek de kring rond en zei
tegen zijn leerlingen: ‘Wat is het moeilijk voor rijken om het
koninkrijk van God binnen te gaan.’
Psalm 23
Ken je deze psalm? Klinkt die voor jou ook zo? |
|
 |
De Mammon is mijn herder, mij ontbreekt
af en toe heel wat.
Hij gunt mij geen rust en jaagt mij voortdurend op.
Hij put mij uit en laat mij dingen doen die het daglicht niet verdragen.
Als de economie slechter gaat, zweet ik me een ongeluk en
vind ik geen
houvast; zijn stokslagen meppen me beurs.
Regelmatig vreet ik me goed vol voor het oog van de armen,
hij laat me vaak ook
bezopen en beneveld zijn. |
|
Maar toch, zorgen en
opgefoktheid zullen mij volgen, al de dagen van mijn leven,
en ik weet niet waar ik de eeuwigheid door zal brengen.
|
|
Dit is de goede versie:
Jahweh is mijn herder, het ontbreekt mij
aan niets.
Hij laat mij rusten in groene weiden en voert mij naar vredig water,
Hij geeft mij nieuwe kracht en leidt mij langs veilige paden
tot eer van
zijn naam.
Al gaat mijn weg door een donker dal, ik vrees geen gevaar,
want U bent
bij mij, uw stok en uw staf, zij geven mij moed.
U nodigt mij aan tafel voor het oog van de vijand,
U zalft mijn hoofd
met olie, mijn beker vloeit over.
Geluk en genade volgen mij alle dagen van mijn leven,
Ik keer terug in
het huis van Jahweh tot in lengte van dagen. |
 |
|
Ik heb heel wat keren ervaren dat God zorgt, het
houdt eigenlijk niet op, duizenden voorvallen. Ik heb er een beetje van
opgeschreven. Die kun je lezen als je wilt door
hier te klikken.
'Jullie hemelse Vader weet wel dat jullie dat alles nodig hebben.
Zoek liever eerst het
koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zullen al die andere
dingen je erbij gegeven worden. Maak je dus geen zorgen voor de dag van
morgen, want de dag van morgen zorgt wel voor zichzelf.'
Tienden
Een goed medicijn tegen verleiding van geldzucht
is het geven van tienden. Dat wil zeggen dat je een tiende deel van
alles dat je krijgt aan God geeft: aan de kerk en zendingswerk. Dus dat
wil zeggen dat je iedere keer dat je inkomen krijgt eerst aan God denkt.
Moeilijk hè? |
|
 |
De aartsvaders gaven hun tienden al
en
Mozes maakte er later een wet van:
Van de opbrengst van het land, zowel de gewassen op de
akkers als de vruchten aan de bomen, is
een
tiende als heilige gave voor Jahweh bestemd. ... Van
runderen, geiten en schapen moet elk tiende dier dat bij de
telling de herdersstaf passeert als heilige gave voor Jahweh
apart gehouden worden. |
|
God zei eeuwen later
door de profeet Maleachi:
'Stel mij maar eens op de proef - zegt Jahweh van de hemelse
machten. Breng alle tienden naar mijn voorraadkamer, zodat er voedsel
in mijn tempel is, en zie dan of ik niet de sluizen van de hemel voor
jullie open en zegen in overvloed op jullie land laat neerdalen.'
Wij mogen God op dit punt op de proef
stellen en het werkt ook! Ik heb het verschillende malen ervaren.
Misschien zeg je: dat kan ik niet, ik heb te weinig geld, maar ikzelf
heb jaren van een uitkering geleefd en deed het toch en iedere keer
merkte ik dat ik ervoor beloond werd; ik ben nooit tekort gekomen,
integendeel.
Het is geen wet voor je, maar wel een heerlijk en gezond avontuur. Jezus
zelf heeft het één keer over de tienden:
'Maar wee jullie Farizeeën, want jullie geven tienden van munt,
wijnruit en andere kruiden, maar gaan voorbij aan de gerechtigheid en de
liefde tot God; je zou het een moeten doen zonder het andere te laten.'
Er zijn kerken die je dat graag als wet opleggen,
daar worden ze zelf natuurlijk ook beter van, maar laat je niet
manipuleren. Het is geen wet, je moet het uit liefde doen, uit
gehoorzaamheid aan God en niet aan mensen. De heilige Geest zal je hart
op dit punt bewerken en je zult er plezier aan beleven.
God beproeft
Jezus zegt:
'De kinderen van deze
wereld gaan slimmer met elkaar om dan de kinderen van het licht. Ook ik
zeg jullie: maak vrienden met behulp van de valse mammon, opdat jullie
in de eeuwige tenten worden opgenomen wanneer de mammon er niet meer is.
Wie betrouwbaar is in het geringste, is ook betrouwbaar als het om veel
gaat, en wie oneerlijk is in het geringste is ook oneerlijk als het om
veel gaat. Als jullie onbetrouwbaar blijken in de omgang met de valse
mammon, wie zal jullie dan werkelijk belangrijke dingen toevertrouwen?'
Hier staat eigenlijk: doe goeie
dingen met geld, help anderen, die zullen dan later voor je pleiten. En
verder staat er dat God kijkt hoe we met geld omgaan. Beheert iemand dat
goed, dan kan hem ook geestelijke zaken toevertrouwd worden. God gaat
bijvoorbeeld niet iemand als leider aanstellen als hij gokt, schulden
maakt, rekeningen niet betaalt, enz.
Met geld wordt je gezonde verstand, zelfbeheersing, trouw en zo op de
proef gesteld.
De grote
beproeving
|
|
 |
In het boek Openbaringen
wordt gesproken over het getal 666, misschien heb je er al van
gehoord. Er staat een verhaal over een beest dat aanbeden moet
worden, de mammon. En
hier zie je het moment dat iedereen uiteindelijk moet gaan
kiezen wie zijn God is: Jahweh of de mammon. |
|
Het kreeg de macht om dat
beeld leven in te blazen, zodat het beeld van het beest ook kon spreken
en ervoor kon zorgen dat iedereen die het beeld niet aanbad, gedood zou
worden. Verder liet het bij alle mensen, jong en oud, rijk en arm, slaaf
en vrije, een merkteken zetten op hun rechterhand of op hun voorhoofd.
Alleen mensen met dat teken - dat wil zeggen de naam van het beest of
het getal van die naam - konden iets kopen of verkopen. Hier komt het
aan op wijsheid. Laat ieder die inzicht heeft het getal van het beest
ontcijferen; er wordt een mens mee aangeduid. Het getal is
666.
|
|
Dit gedeelte wordt in deze
tijd steeds duidelijker uitgelegd. Er is sprake van een chip die men
onder de huid aan wil brengen, zodat iedereen een persoonsnummer krijgt
waarmee hij zich kan identificeren, waarmee hij kan betalen, enz.
Papieren paspoorten, rijbewijzen, geld, enz. zullen niet meer nodig zijn
en kunnen dus ook niet meer gestolen worden. Een perfect
systeem. Iedereen die dat niet aanneemt kan praktisch niet meer
deelnemen aan het openbare leven en wordt als verrader gezien.
Maar Gods woord waarschuwt heel ernstig: |
 |
|
‘Als iemand het beest en zijn
beeld aanbidt en het merkteken op zijn voorhoofd of zijn hand krijgt,
zal hij de wijn van Gods woede moeten drinken, die onverdund in de beker
van zijn toorn is geschonken. Hij zal in vuur en zwavel worden
gepijnigd, onder de ogen van de heilige engelen en van het lam. De rook
van die pijniging zal opstijgen tot in eeuwigheid. Wie het beest en zijn
beeld aanbidden, of wie het merkteken van zijn naam draagt, ze krijgen
geen rust, overdag niet en ‘s nachts niet.’ Hier komt het aan op de
standvastigheid van de heiligen, die zich houden aan Gods geboden en aan
de trouw van Jezus. |
|
Over diegenen die wel goed kiezen,
staat er:
Ook zag ik tronen, en aan hen die erop zaten werd recht gedaan. Het zijn
de zielen van hen die onthoofd waren omdat ze van Jezus hadden getuigd
en over God hadden gesproken; zij hadden het beest en zijn beeld niet
aanbeden en ook zijn merkteken niet op hun voorhoofd of hun hand
gekregen. Zij waren tot leven gekomen en heersten duizend jaar lang
samen met de Messias. |
 |
De mammon blijkt dus de grootste afgod te zijn die
er bestaat en dat zie je tegenwoordig ook: zijn macht wordt steeds
groter, alles draait steeds meer om geld.
De eerste discipelen van Jezus hadden
alles achtergelaten om
Hem
te volgen, hun bedrijfjes, financiële zekerheid, maar ook familie.
Petrus zegt dat op een gegeven moment ook:
‘Maar wij hebben alles achtergelaten om
u te volgen!’ waarop Jezus antwoordt:
‘Ik verzeker jullie: iedereen die broers
of zusters, moeder, vader of kinderen, huis of akkers heeft
achtergelaten omwille van mij en het evangelie, zal het honderdvoudige
ontvangen: in deze tijd broers en zusters, moeders en kinderen, huizen
en akkers, al zal dat gepaard gaan met vervolging, en in de tijd die
komt het eeuwige leven.
Dus, de goede keuze maken is toch niet zo
moeilijk?
 |