|
|
Toen Johannes de Doper Jezus aankondigde
zei hij:
Daar is het lam van God, dat de
zonde van de wereld wegneemt.
Een vreemde aankondiging.
Jezus is de Zoon van God, dus was zulk een opdracht een koud kunstje, zou je zeggen.
In Lucas wordt een tipje van
de sluier opgelicht van wat er zich in Jezus afspeelde, de dag voor zijn
kruisdood: Dat is zelfverloochening en liefde ten top. Hij heeft dit namelijk allemaal vrijwillig gedaan, voor ons en zijn Vader. Maar het is ook een enorme blijk van moed. Wie heeft er ooit bloed gezweet van angst en niet alles gedaan om te vluchten? Jarenlang wist Jezus wat Hem te wachten stond en Hij is er recht op af gegaan.
Wat was die beker? Was dat het lichamelijk lijden aan het kruis? Zo lang heeft dat lijden toch niet geduurd? En er zijn velen in de geschiedenis die veel langer gemarteld zijn geweest.
De grootste strijd ooit geleverd En alsof het dragen van zonden nog niet genoeg was, kwamen alle ziekten op Hem neer en stortten alle demonen uit het hele universum zich op Hem in de hoop Hem voor altijd te kunnen vernietigen - Hem waar ze zo bang voor waren (en nog steeds zijn). In het evangelie kunnen we lezen dat zelfs de natuur reageerde op deze hevige geestelijke strijd.
Rond het middaguur viel
er duisternis over het hele land, die drie uur aanhield. Aan het einde
daarvan, in het negende uur, gaf Jezus een schreeuw en riep luid: ‘Eli,
Eli, lema sabachtani?‘ Dat wil zeggen: ‘Mijn God, Mijn God, waarom hebt
U Mij verlaten?’ ... Mensen die daarbij stonden waren getuigen van de allerbelangrijkste gebeurtenis uit de geschiedenis van de mensheid, samen met de opstanding uit de dood en de uitstorting van de heilige Geest. Toen de centurio en degenen die met hem Jezus bewaakten de aardbeving voelden en merkten wat er gebeurde, werden ze door een hevige angst overvallen en zeiden: ‘Hij was werkelijk Gods Zoon.’
En op dat moment sleurde
Jezus de zonden en ziekten het dodenrijk in.
De juridische kant van de zaak
Adam was door God als
onderkoning over de schepping aangesteld; hem was het beheer gegeven:
Breng de aarde
onder je gezag: heers over de vissen van de zee, over de vogels van de
hemel en over alle dieren die op de aarde rondkruipen. Behalve het recht op de aarde had de satan ook het recht op de mensen gekregen door de zondeval. De satan verscheen voortdurend voor Gods troon om mensen aan te klagen, zoals geschreven staat: de aanklager van onze broeders en zusters, die hen dag en nacht bij onze God aanklaagde. En wat kon God daar tegenin brengen? Zonde vraagt om straf, de Wet van Mozes werd voortdurend overtreden. Er bestond geen werkelijke oplossing daarvoor. Toen stond er een machtige Advocaat op. Maar voordat Hij begon ons te verdedigen nam Hij eerst de straf die wij verdienden op zich. Hij betaalde de prijs van onze zonden met Zijn bloed en zo kocht Hij ons vrij. U bent gekocht en betaald, staat er tweemaal in de Bijbel, en ook: U weet immers dat u niet met zoiets vergankelijks als zilver of goud bent vrijgekocht uit het zinloze leven dat u van uw voorouders had geërfd, maar met kostbaar bloed, van een lam zonder smet of gebrek, van Christus. Dus wettelijk kan de satan niets meer - maar hij doet wel alsof; hij blijft aanklagen en mensen onder zijn macht houden. Hij blijft intimideren en liegen en doen alsof hij nog heerser is. Maar het Woord zegt: Hij (Jezus) heeft het document met voorschriften waarin wij werden aangeklaagd, uitgewist en het vernietigd door het aan het kruis te nagelen. Dus kan de Rechter ons alleen nog maar vrijspreken. Maar natuurlijk alleen als we Jezus als Advocaat hebben aangenomen en als Plaatsvervanger voor onze straf.
Vergeving
Nergens komt liefde zo tot
uitdrukking dan in vergeving.
Mijn gebod is dat jullie
elkaar liefhebben zoals Ik jullie heb liefgehad. Er is geen grotere
liefde dan je leven te geven voor je vrienden.
En dat heeft Jezus gedaan! Dus we vroegen er niet eens om en toch kwam Hij. Alle zonden heeft Jezus gedragen, dus alle zonden zijn vergeven, maar we moeten natuurlijk wel bij Hem komen en onze zonden belijden om die vergeving te kunnen ontvangen, en daarna bij Hem blijven.
Als er mensen zijn die veel van Zijn vergeving hebben ontvangen, dan zijn dat de apostel Paulus, en Maria Magdelena aan wie Jezus als eerste verscheen na Zijn opstanding. Door Paulus' toedoen waren er vele eerste christenen vervolgd en vermoord. En Maria was een hoer die vol zat met boze geesten. En moet eens kijken wat er van hen geworden is! Als God vergeeft, dan is het van harte en niet met een zuur gezicht. Hij eist van ons dat wij anderen ook van harte vergeven, en nog wel zeven maal zeventig maal. Hij eist niet iets van ons dat Hij zelf niet doet. Als Hij iets van ons vraagt geeft Hij natuurlijk ook zijn Geest om dat echt te kunnen, want in onze eigen kracht lukt dat niet echt. Wees goed voor elkaar en vol medeleven; vergeef elkaar zoals God u in Christus vergeven heeft.
"En het voorhangsel van de tempel scheurde van boven tot onder in tweeën"
Van boven af - dat geeft aan
dat God het zelf deed. Onbegrijpelijk eigenlijk dat alle priesters en farizeeën toen nog niet tot geloof kwamen toen ze het voorhangsel zagen scheuren. Hoe hebben ze dat verklaard? Drie uur donker, aardbevingen, splijtende rotsen en het voorhangsel dat van boven naar beneden scheurde, en dat allemaal toen Jezus stierf. Daar zou je toch minstens van achter de oren krabben, als je dat na alle wonderen van Jezus nog niet gedaan had. Maar deze mensen waren zo onbeschrijfelijk verhard, die zouden zich ook nooit in de hemel thuis kunnen voelen.
Met een enkel bevel dreef Hij de geesten uit, en allen die ziek waren genas Hij, opdat in vervulling ging wat gezegd is door de profeet Jesaja: ‘Hij was het die onze ziekten wegnam en onze kwalen op zich heeft genomen.’ Hier staat niet dat hij alleen enkele ziekten droeg, of zo. Opvallend is dat iedereen die tot Jezus kwam altijd van ziekte werd genezen. En vaak zei Hij: uw geloof heeft u gered. Door ons geloof kunnen wij dat ontvangen wat er al 2000 jaar voor ons klaar ligt, namelijk genezing. En als ons geloof tekort schiet kunnen we altijd anderen vragen voor ons te geloven. De een ontvangt van de Geest een groot geloof, de ander gaven om te genezen, zegt Paulus. Hij spreekt hier over de toerusting van de kerk.
De macht van de duivel is gebroken Jezus is rondgegaan, weldoende en genezende allen, die door de duivel overweldigd waren. We zien Jezus vaak demonen uitdrijven en Hij heeft ons die autoriteit ook gegeven. Zij zijn verslagen aan het kruis, hebben geen rechten meer, maar ze doen nog altijd alsof. Het is aan ons om ze in Gods kracht op hun plaats te zetten. Demonen veroorzaken vele ziekten, schuldgevoelens, angsten, verkeerde gedachten, enz., enz. en we hoeven ze niet aan het werk te laten.
Ons kruis dragen "Ieder huisje heeft zijn kruisje en dat kruis moet je dragen". Maar dat is heel wat anders. Lijden komt op ons pad, ziekten vallen ons aan. Dat is niet een kruis dat je opneemt, dat overkomt je. Wie niet zijn kruis op zich neemt en Mij volgt, is Mij niet waard. Wie zijn leven probeert te behouden zal het verliezen, maar wie zijn leven verliest omwille van Mij, die zal het behouden, zegt Jezus, en: ‘Wie achter Mij aan wil komen, moet zichzelf verloochenen, zijn kruis op zich nemen en Mij volgen. Want ieder die zijn leven wil behouden, zal het verliezen, maar wie zijn leven verliest omwille van Mij, zal het behouden. Het kruis opnemen is een bewuste daad: jezelf niet op de eerste plaats zetten, maar je opofferen voor God en de anderen - leven uit liefde. Niet je eigen eer zoeken, geen genot najagen, je lichaam niet de baas laten zijn, en vul maar in. Wie Christus Jezus toebehoort, heeft zijn eigen natuur met alle hartstocht en begeerte aan het kruis geslagen We mogen natuurlijk wel van het leven genieten, maar God moet onze god zijn en die plaats moeten we niet aan of andere afgod geven. "Ik" moet uit het centrum van ons leven weg, moet van zijn troon af en die plaats aan Jezus geven. Zulk een leven is alleen mogelijk door de inwoning van de Heilige Geest, die God aan een ieder wil geven die daarom vraagt.
Het kruis heeft een tijdperk van genade ingeluid God nam de verantwoordelijkheid van onze fouten op zich, vergaf, droeg de straf zelf en biedt ons behalve dat het kindschap van God aan en de erfenis van alle dingen en eeuwig leven. Het moet ons toch gaan duizelen!
Voor het Oudtestamentische perspectief, Klik hier |
||||||||||||||||